Herfst

Loop je met me mee, als ik s´avonds over straat ga,
kijk je ook omhoog in ‘t oneindige heelal?
Ruik je net als ik het houtvuur in de tuinen
en de vochtige bladeren, nu de herfst zo vroeg valt?
Hoor je de wind, die de schaduwen voortjaagt,
wolken langs de maan huilt en bomen ontkleedt.
Hoor je daarin ook herinneringen
aan al die kleine dingen
van jou en mij, jou en mij, 
die je nooit meer vergeet?

Jij bent mijn lente, jij bent mijn zomer
en als ik omkijk sta jij daar
maar lieve God, kijk ons nou eens,
wat valt de herfst vroeg dit jaar.

Loop je met me mee, als ik s´avonds nog eens omga
langs de huizen waar we woonden indertijd?
Zie je net als ik, de lichten daar nog branden?
Waren wij toen anderen en zijn wij die nu kwijt ?
Hoor je de stemmen nog van onze kinderen,
zij groeiden op, ach je weet niet hoe gauw.
Maar wat ik mis in mijn herinneringen,
aan al die prille dingen
van jou en mij, mij en jou.
Wanneer werden wij oud ?

Jij bent mijn lente, jij bent mijn zomer
en als ik omkijk sta je daar.
Maar lieve God, kijk ons nou eens.
Wat valt de herfst vroeg dit jaar.

Loop je met me mee, als ik s´avonds weer opsta.
Kijk je vooruit, in ‘t oneindige heelal?
Neem je een handvol vallende bladeren,
zie je daarin de nieuwe aarde al?

Jij bent mijn lente, jij bent mijn zomer
en als ik omkijk sta jij daar.
Maar lieve God, kijk ons nou eens.
Wat valt de herfst vroeg dit jaar.
Maar lieve God, kijk ons nou eens.
Wat is de herfst mooi dit jaar.